Steenbolk ( Trisopterus luscus )


Steenbolk 

Beschrijving
Lengte 15 tot 30 cm, maximale geregistreerde lengte 47 cm. Deze kabeljauwachtige heeft een relatief hoge rug met 3 rugvinnen en onderscheidt zich van zijn familieleden door de wat forsere bouw. De kindraad is lang en stevig. Buikvinnen enigszins gereduceerd tot een paar stevige, maar wel lange vinstralen. De eerste rugvin is aanzienlijk langer en puntiger dan bij andere kabeljauwachtigen.

Kleur
De rug is bronskleurig, de flanken zijn bleekgeel en de buik is nog lichter. Karakteristiek zijn de vier of vijf donkerbruine dwarsbanden op de flanken. De intensiteit daarvan wisselt trouwens. Vaak is bij de basis van de borstvinnen een donkere vlek te zien.

Voedsel
Kleine kreeftachtigen (met name garnalen), schelpdieren, borstelwormen, kleine vissen en inktvissen.

Voortplanting
Paaitijd in april en mei, maar soms tot augustus. De watertemperatuur moet 8 tot 9°C zijn en het paaien vindt meestal plaats tussen de 50 en 100 m diepte. De eieren zweven in het water. De stroming kan de eitjes een heel eind verplaatsen voor ze uitkomen. De jonge visjes gaan al heel snel bij de bodem leven. Na maximaal een jaar zijn ze geslachtsrijp.

Leefgebied
Steenbolken zijn bodemvissen. Jonge vissen zitten in grote scholen vlak bij de kust. Oudere dieren vaak tussen 10 en 300 m diepte. Het is een van de meest voorkomende vissen rond wrakken in de Noordzee.
 
Verspreiding
Van Midden-Noorwegen tot en met de westelijke helft van de Middellandse Zee. Maar ze komen het meest voor in de Noordzee en rond de Britse Eilanden.


Steenbolk / Steenwijting ( Nederlands )
Franzosendorsch ( Duits )
Bib ( Engels )